Klik op de foto's voor een vergroting
En dan duikt plotseling Japan op, tussen al mijn Denemarken-verhalen. Waarom Japan?
Ik werk al een heel aantal jaren op de Nederlandse Beiaardschool in Amersfoort. Omdat dit de enige conservatoriumopleiding van de wereld is waar je zowel je bachelor als je master kan halen, komen hier studenten van over de hele wereld, onder andere uit Japan waar zich drie beiaarden (carillons) bevinden. Met een van die studenten, Erico, ben ik bevriend geraakt. In september 2007 is zij, na het halen van haar bachelor, weer voorgoed naar Japan vertrokken.
Onverwacht kreeg ik de (financiële) mogelijkheid om naar Japan te kunnen gaan. En die kans greep ik met beide handen aan.
Chiaki, een andere studente, is het jaar ervoor terug gegaan naar Japan en ook haar ga ik bezoeken. Met haar en Erico heb ik een soort rooster gemaakt zodat ik optimaal van het land zal kunnen genieten.
En wat doet een vakantiefietser die voor een maand naar Japan gaat? Juist ja. Er wordt een midweek voor mijn korte fietsvakantie ingeplant.
In de mailwisseling voorafgaand aan mijn vertrek, wordt mij door Chiaki subtiel duidelijk gemaakt dat het niet zo verstandig is om door Japan te fietsen. “Weet je wel dat Japan niet zo vlak is als Nederland?”. “In Tokyo is pas een willekeurig iemand vermoord met een mes, zomaar midden op straat”. Als ik haar vertel dat ik naast kamperen eventueel gebruik wil maken van Couch Surfing, wordt me dat dringend afgeraden: niet in Japan, veel te gevaarlijk! (Couch Surfing is een internationaal netwerk van reizigers die hun 'bank' ter beschikking stellen aan andere reizigers die zo gratis te kunnen overnachten, zie www.couchsurfing.com).
Ondertussen is Erico aan het uitzoeken waar ik een goede fiets zou kunnen huren en of er bestaande fietsroutes zijn. Ook zij is het wel met Chiaki eens, maar maakt zich iets minder zorgen (en kent mij een beetje beter).In de weken voorafgaand aan mijn vertrek wordt me één ding duidelijk: Fietsen door Japan is onmogelijk. Ten eerste omdat het levensgevaarlijk zou zijn voor een vrouw alleen en ten tweede omdat er niet gefietst kán worden vanwege de hoge bergen en slechte wegen.
En ik zou het serieus hebben genomen, ware het niet dat ik zo ontzettend veel gelezen heb over fietsvakanties in Japan, zowel in boeken en tijdschriften als op internet. Ook van vrouwen die in hun eentje door heel Japan hebben gefietst.
Wat mij in al die verhalen opviel was de gastvrijheid en de hulpvaardigheid van de Japanners èn de overdreven bezorgdheid. Volgens Japanners zelf is Japan een vreselijk gevaarlijk land en volgens buitenlanders die er geweest zijn of gewoond hebben is Japan zo'n beetje het veiligste land ter wereld.
Tja… wat doe je dan? Ik was er van overtuigd dat het zou kunnen. Het zou zo jammer zijn deze kans onbenut te laten, dit is wellicht de enige keer dat ik in Japan kom. Maar ik wil ook niet m'n vrienden tegen het hoofd stoten. Uiteindelijk besluit ik het toch te doen.
Helaas moet ik toch week voor vertrek noodgedwongen mijn plannen wijzigen. De fiets zelf is het probleem niet, die kan ik huren in Japan. Erico meende iets geschikts gevonden te hebben. Ook is er een prachtige route uitgezocht. Een bewegwijzerde tocht rond Biwa-ko, het grootste meer in Japn, dicht bij Moriyama, de stad waar Erico woont.
Het probleem zit 'em in al die fietskampeerspullen die mee moeten… Ondanks dat zo'n beetje alles lichtgewicht is, en ik m'n kookspullen thuis laat, kom ik in totaal ruim over de 20 kilo bagage heen. En mijn klarinet thuis laten vind ik ook geen optie. Die zit trouwens al in de handbagage en telt niet mee.
Ik mail Chiaki en Erico dat ik niet op fietsvakantie ga, maar wel dagjes wil gaan fietsen. Scheelt een hoop bagage. En ik denk hiermee ook Erico en Chiaki een enorm plezier te doen, sterker nog: hen enorm geruststellen. Wat zullen ze opgelucht zijn! Vooral Chiaki.
En wat schetst mijn verbazing?
Een dag voor vertrek krijg ik een mail van Chiaki met daarin een foto van een prachtige kleine lichtgewicht tent. Spotgoedkoop.
Chiaki vraagt mij of ik snel wil reageren zodat ze hem kan bestellen. Dan zal hij net op tijd binnen zijn voor ik ga fietsen.Als ik zo vrij mag zijn te generaliseren: Als Japanners je niet van je idiote plannen kunnen weerhouden en zich er bij neer hebben gelegd, zullen ze vervolgens alles doen om je zo goed mogelijk te helpen je plannen te bewerkstelligen. Of ze het er nou mee eens zijn of niet.
De tent dus. Wat moet ik nou? Mijn koffer is gepakt, hij is precies 20 kilo. Als ik mijn fietstassen, slaapzak, slaapmatje, fietskleren en weet ik veel wat allemaal nog meer ook nog moet meenemen… nee, dat gaat echt niet lukken
Ik mail Chiaki gelijk terug dat leg haar uit dat het niet alleen de tent is, maar ook… en ik noem de hele lijst. Dus, heel erg bedankt voor het geweldige aanbod, maar ik ga toch maar dagtochtjes maken. Het enige wat ik voor de fiets meeneem is een stuurtas. Geleend van mijn tante Jannie en ideaal voor deze gelegenheid: lichtgewicht, kan plat in de koffer, maar toch groot genoeg om er vanalles in te doen.
Op 15 oktober 2008 vertrek ik, via Dubai, naar Osaka. De volgende dag kom ik aan en Chiaki en haar ouders halen mij van het vliegveld, brengen me vervolgens naar het Centraal Station in Osaka (een uur rijden) waar ik op de trein kan stappen naar Moriyama, de stad waar Erico woont (ook een uur rijden).
De eerste uren die ik doorbreng in Japan kijk ik met mijn mond open van verbazing om me heen. Echt alles is anders!
Op de snelweg (in Japan rijdt men links) zie ik hele futuristisch ogende auto's, waar elk ogenblik een Marsmannetje uit kan stappen. Althans, ik zou er niet raar van opkijken.
Overal wolkenkrabbers, neonverlichting en snelwegen die over elkaar, onder elkaar en naast elkaar lopen (ik ben niet zoveel gewent).
En dan de JR! De Japanese Railway versus de Nederlandse Spoorwegen: de treinen rijden exact op tijd. Dat feit alleen al vind ik een wonder. Op het perron staan de mensen netjes in rijen van twee te wachten, met een paar meter tussen elke rij. Er staat namelijk exact aangegeven waar de trein zal stoppen en waar een deur is. En ieder heeft de beleefdheid zich achter aan de rij te sluiten wanneer hij of zij het perron op komt. Een heel raar gezicht.
Chiaki heeft voor mij opgeschreven hoe Moriyama in het Japans wordt aangegeven en ook hoe laat de trein in Moriyama aankomt. Ze verzekerd me ervan dat de trein ook exact om die tijd zal aankomen. “En Erico zal op de plek waar je uitstapt op je wachten”.
“Maar als de trein een eindje verder stopt?”
“Gebeurt niet, echt niet.”
“En als de trein nou vertraging heeft?”
“Heeft hij niet, vertrouw er maar op.”
Eerst moet ik staan in de trein, ik voel me een reus tussen al die kleine Japanners. Maar men lijkt mij niet op te merken. Althans... later zal ik ontdekken dat Japanners hun uiterste best doen om mensen niet te laten merken dat ze je gezien hebben.
Even later kan ik zitten en heb een plaatsje naast het raam. Omdat het donker is, zie ik niet zo veel, maar ik val tenminste wat minder op (denk ik). In mijn tas zit nog een cakeje, bewaard uit het vliegtuig. Ik heb erge trek, maar heb geen idee of het in Japan geoorloofd is in het openbaar te eten. Ik heb een nuttig boekje bij me over 'hoe je te gedragen in Japan', maar ik kan niets vinden over cakejes eten in de trein. Achter mijn hand schrok ik het gauw naar binnen. Achteraf blijkt dat men complete maaltijden meeneemt de trein in om die gezellig met z'n allen te nuttigen.
Nog iets grappigs in de trein: Je kan in een Japanse trein de stoel draaien. Zo kan je kiezen of je tegenover of achter iemand wil zitten. En voor- of achteruit wilt rijden.
Slimme jongens, die Japanners.
Het is een goed weerzien met Erico. Ze woont maar 5 minuten lopen van het station en, zoals veel Japanners, in een piepklein 1-kamer appartementje.
Veel mensen hadden me een jetlag beloofd, maar die blijft gelukkig uit ondanks dat het in Japan 7 uur vroeger is (na dit weekend 8 uur, omdat het uur verzet wordt). De eerste nacht slaap ik heerlijk op mijn futon, een matras die 's ochtends opgevouwen weer in de kast gaat.
De eerste dag neemt Erico mij mee naar haar werk. Erico is lid van de Shinji Shumeikai, een religieuze groepering die zijn 'hoofdkwartier' in Misono heeft. Daar staat een enorme tempel met aan de rand van het tempelplein een toren met carillon. Erico werkt daar op het, vrij vertaald, kerkelijk bureau en speelt regelmatig op het carillon. Een eindje verderop staat het beroemde Miho Museum, ook behorend bij de Shinji Shumeikai (prachtig museum overigens, maar dat terzijde, zie www.miho.or.jp).
Ik bezoek met Erico de tempel, het carillon en het museum in Misono. Het is een prachtig gebied midden in de bergen.
Aan het eind van de dag heeft Erico een verrassing voor me. Of eigenlijk twee. Ze heeft zojuist een telefoontje van Chiaki gekregen dat zij een kampeeruitrusting heeft geregeld (mag ik lenen van een collega van een vriendin van Chiaki...). Ook heeft Erico een tweedehands fiets gevonden die ik voor 20 euro kan kopen. Een vriend van een collega van Erico had op televisie gezien dat er fietsenwinkel bestaat die tweedehands fietsen verkoopt. Waarschijnlijk de enige in Japan en redelijk in de buurt van Moriyama.
Nu moet ik even uitleggen, dat als je in Japan hulp nodig hebt, er altijd wel een neef, een collega of oudtante is van je vriendin, je opa of je achternicht die je zou kunnen helpen.
Andersom komt het ook voor: “Ik heb een collega, en die heeft een vriendin, en die haar dochter… Kun je misschien voor haar… enz.”
Een collega van Erico rijdt ons met de auto naar de fietsenmaker toe in het stadje Oumihatiman. Als we aankomen zie ik daar een prachtige blauwe mountainbike met een veel te laag zadel ('sorry, kan niet naar omhoog of omlaag, zit muurvast'), geen bagagedrager ('maar die kan ik er wel opzetten') en maar drie van de 21 versnelling werken ('maar wel de drie belangrijkste!'). Erico vertaald alles geduldig en na een proefritje ben ik de (on)gelukkige eigenaar van een fiets.
Mijn kampeeruitrusting was geweldig: de tent was klein en licht. In Erico's flat hebben we hem even opgezet en dit ging razendsnel en heel gemakkelijk. Al vraag ik me wel af hoe waterdicht hij is, er zit namelijk geen binnentent in.
De slaapzak is dik en zwaar, maar daardoor wel lekker warm. Maar mijn 'bed' is een dun, een héél dun, isolatiematje.
Ik moet eerlijk zeggen: veel vertrouwen heb ik er niet in. Een ongeschikte fiets, géén fietstassen zodat alles met spinnen achterop moest worden geknoopt, geen comfort voor de nacht en last but not least: het weer zou over een paar dagen slechter worden, juist wanneer ik mijn fietstocht rond het Biwa-ko heb gepland.
Hoe dan ook, zín heb ik wel. En met de kaart op de grond, maak ik een plan.
Morgen zal ik wat rondfietsen in de omgeving om aan het links fietsen en aan mijn fiets te wennen.
Overmorgen (zondag) zal ik een heuse tocht gaan maken.
Maandag staan er andere dingen op het programma en daarna zal ik in drie dagen om het Biwa-ko gaan fietsen.
Op één punt is het Biwa-ko (ko = meer) heel smal en daar gaat een brug overheen. Ik reken uit dat ik in één dag het zuidelijke gedeelte van het meer kan rond fietsen en dan via de brug weer naar Erico's huis terug kan keren. De eerste nacht zal ik dus niet hoeven kamperen. De rest van het meer zou in twee dagen te doen moeten zijn. De totale omvang van het meer is ongeveer 200 kilometer, opgeteld de kilometers van en naar Erico's huis, zal het op zo'n 240/250 kilometer uitkomen. Met Erico zoek ik op internet naar campings. Er blijkt een kleine camping te zijn aan de noordkust van het meer, ongeveer tussen twee gelijke dagafstanden in. Erico staat er op dat ze voor mij zal reserveren en voor drie euro ben ik verzekerd van een plekje.
En mocht ik toch pech krijgen: inmiddels heb ik een mobiele telefoon te leen gekregen (de mijne werkt niet in Japan) en om het hele meer rijdt de trein, ben ik zo weer thuis als het zou moeten.Mijn fietsavontuur kan beginnen!