Zaterdag 18 oktober 2008

Aantal gefietste km: ± 12 km
Weer: zonnig en warm, 28˚ C

 

Het is inderdaad wel even wennen: wennen aan de fiets, wennen aan het links rijden, wennen aan de kaart lezen met alleen Japanse tekens en tja... gewoon wennen aan Japan.

Erico moet vandaag de hele dag werken en ik stap op de fiets om Moriyama te verkennen. Gewapend met een plattegrond (gekopieerd uit het stratenboek) fiets ik de stad uit richting Biwa-ko, het meer waar ik over een paar dagen omheen ga fietsen. Het is vandaag prachtig weer, en ik geniet!

Na een klein uur kom ik aan bij het meer. Het is een prachtige plek met een indrukwekkend uitzicht en her en der picknicktafels.
Ik rust even uit, eet mijn lunch (de door Erico vervaardigde rijstbolletjes) en fiets weer terug naar Moriyama. Ik heb inmiddels een zere rug, zere knieën, zere schouders en zadelpijn en dus ga ik regelrecht naar huis.

Ik ben erg opgelucht als ik van de fiets af stap. Ik ga nóóit meer fietsen!

 

De flat van Erico waar ik verblijf, de FujitopiaDe achterkant van de flat waar futuristisch  ogende auto’s geparkeerd staanFietsenstalling bij de flatStation van MoriyamaRijstvelden tussen Moriyama en het Biwa-meerEn hier is hij dan: Biwa-koBiwa-koDe terugweg, zicht op MoriyamaEen verassend groen pad midden in  de stad, tussen grauw en grijs betonDe winkelstraat van Moriyama

 

Van thuis had ik een opblaasbaar zadeldekje meegenomen, maar omdat het een smal racefietszadel is, glijdt het er steeds af. Eigenlijk zou ik een zadelhoesje moeten hebben zodat het beter op z’n plaats blijft. Erico had mij uitgelegd waar de fietsenmaker zit, voor het geval dat. Omdat het nog steeds prachtig weer is en ik mijn pijnlijke onderdelen even rust wil gunnen, loop ik naar het stadcentrum.
De fietsenmaker heeft geen zadeldekje. Of hij begrijpt mij niet. Ik probeer het ook nog aan de overkant bij een enorme supermarkt, de Seiyu. De supermarkten in Japan zijn eigenlijk een soort combinatie van onze Bijenkorf, de Wibra, de Action en Albert Heijn. En dan in het kwadraat. Zoiets.
Maar ook hier geen zadeldekje. Nou ja, we verzinnen wel iets anders. Ik slenter door de straten van het stadcentrum en verwonder me over alles wat ik zie en hoor...

Geheel onverwacht zie ik een park. Ik loop het weggetje in langs een smalle gracht en komt bij een moestuin. Ik blijf staan bij een boom met ronde oranje vruchten. Wat zouden dat zijn? Nooit gezien.

Ik loop door en zie opeens een indrukwekkend bouwwerk, totaal niet passend tussen de stijl van de rest van de buurt van grijs beton (het park deed mij ook al verwonderen). Het blijkt een boeddhistische tempel te zijn. Ik ben erg onder de indruk.
Het is eigenlijk meer een tempelcomplex. Er ligt ook een begraafplaats en er staat een grote klokkenstoel.
Op de begraafplaats staan ontzettend veel boeddhabeeldjes, sommigen hebben slabbetjes om. Dit blijken, hoor ik later, kindergrafjes te zijn.

Een man komt naar me toe, wijst naar een kleine pagode en begint mij in het Japans allemaal interessante dingen te vertellen (laten we daar voor ’t gemak maar vanuit gaan) over de tempel en de bijbehorende begraafplaats.
'Americano?' vraagt hij.
'Nee, Ollando'.
'Ah... Orrando'.
We lopen langs twee dames. Hij wijst naar mij en roept naar de dames: 'Orranda, Orranda!'. De dames zijn diep onder de indruk. Als ik de meneer uitgebreid heb bedankt met een 'Arrigato gozaismachita', loop ik verder. Even later hoor ik 'Orranda, Orranda....' Ik kijk achterom en krijg zomaar vijf vruchten in mijn handen gedrukt. Later vertelt Erico dat het Kaki’s zijn (ik kende ze niet, maar in Nederland zijn ze beter bekend als Sharon fruit).

 

Het onverwachte weggetje door een park in MoriyamaDe moestuin met de boom met mysterieuze vruchtenKlokkenstoel bij tempel in MoriyamaKlokkenstoel bij tempel in MoriyamaTempel in MoriyamaKindergrafjes bij de tempel in MoriyamaKleine pagode bij de tempel in MoriyamaKaki's (of Sharon-fruit) 

 

Zondag 19 oktober 2008

Aantal gefietste km: ± 25 km
Weer: zonnig en warm, 28˚ C

 

Vandaag vervolg ik mijn ontdekkingsreis. Erico kwam gisteravond aanzetten met een zadelhoesje en snelbinders. Hopelijk zal vooral het eerste bijdragen aan het zitcomfort.
Ik fiets vrolijk door allerlei stadjes, die allemaal zo'n beetje aan elkaar vast zitten. Eerst kom ik in Ritto, al duurt het even voordat ik doorheb dat ik van stad gewisseld heb. Maar volgens een plattegrond aan de kant van de weg ben ik echt Moriyama uit en al ver gevorderd in Ritto. Ik fiets langs een mega-drukke weg. Links en rechts alleen maar autodealers met knipperende neonverlichting en schreeuwende luidsprekers. Het horen en zien vergaat me. Regelmatig staar ik naar mijn kaart, die gekopieerde uit het stratenboek, krab dan eens aan m’n hooft, trek m’n wenkbrauwen op en draai ‘m 180。
Lastig is het wel zo’n plattegrond met alleen maar Japanse tekens. Het is dus even goed opletten of de tekens overeenkomen met de tekens die je op de borden ziet.
Vervolgens kom ik in Kusatsu. Ook deze overgang is niet groot, er is eigenlijk überhaubt geen overhang: ook hier is het overal druk en ik zie alleen maar grijs beton, neonverlichting en veel mensen. Ik hoor uit allerlei luidsprekers muziek en belangrijke (?) aankondigingen. Af en toe verschijnt er tussen al dat grijs en neon een tempel (Boeddhisme) of een shrine (Shintoïsme).
Ik ontzie mijn rug een beetje door veel te rusten en stukjes te lopen. Dit is niet moeilijk want er is ontzettend veel te zien.
Inmiddels heb ik geleerd hoe je het verschil kan zien tussen een tempel en een shrine. Een shrine heeft een of meer toegangspoorten, torii genoemd. De meeste torii zijn gemaakt van hout en zijn geverfd in de kleuren oranje en zwart. Tempels hebben geen toegangspoorten.

Bij een van de shrines word ik, vanuit een auto, aangesproken door een vrouw van rond de vijftig. “Hello, sorry, do you have time? I want to speak English”. Ja hoor, tijd zat. Ze stapt de auto uit en vertelt dat ze ongeveer dertig jaar geleden in Amerika heeft gewoond, maar nu nooit meer Engels spreekt. Ze vraagt me het hemd van m’n lijf en voor Japanse begrippen is dat nogal uitzonderlijk, maar ja, ze heeft dan ook in Amerika gewoond.

Ik krijg de indruk, en in de loop van de weken zal dat bevestigd worden, dat Japanners het heel belangrijk vinden dat je zelf ook op de foto komt. Vanuit hen gedacht wel logisch: je herkent vast wel de hordes Japanse toeristen die uit een bus komen gerent, foto’s maken en vervolgens weer terug rennen naar de bus die op zijn beurt weer snel verder rijdt. Aan de hand van de foto’s kunnen ze thuis zien waar ze geweest zijn, het bewijs is dan geleverd want ze staan er zelf ook bij op.
Ik heb Erico er wel eens mee geplaagd, maar ze herkent het beeld wel: “dat komt omdat we maar één week in het jaar vakantie hebben en die optimaal willen benutten”. Tjonge... daar had ik nooit bij stil gestaan.
Er zijn deze vakantie ontzettend veel foto’s van me gemaakt. Zodra men je ziet met een camera, bieden ze gelijk aan een foto van je te maken. Omdat het uiterst onbeleefd is ‘nee’ te zeggen, laat ik het gewillig gebeuren om vervolgens nog een foto van het object zonder mij te maken. Zo’n beetje de helft van de foto’s heb ik daarom dubbel en aangezien mijn talenten niet bij het fotomodelwerk liggen, heb ik de meeste dubbele gelijk maar weer verwijderd, een enkele uitgezonderd.

 

Een torii, de toegangspoort naar de shrine in KusatsuDe Japanse vrouw die mij aansprak maakt hier een foto van mijKunst langs de kant van de weg in KusatsuRegelmatig maak ik een foto van een plattegrond, zodat ik die later kan raadplegenOverdekte winkelstraat in KusatsuEen wat ‘chiquere’ straat in KusatsuMet aan de overkant een sportveldTorii voor de shrine in RittoMet een prachtig klein bos

 

Via de andere kant kom ik Ritto weer binnen. Inmiddels raak ik er aan gewend dat je zomaar, midden tussen al het grijs beton en neonverlichting, een shrine of een tempel tegen kan komen, vaak met een prachtig park of bos er omheen.

 

Zoek de verschillen...Zoek de verschillen...

Zoek de verschillen...

 

Het verschil tussen de foto’s, en ik geef toe dat het amper te zien is, zijn de scheppen (zie onderstaande foto).
De eerste foto heb ik zojuist genomen en ik wil weer verder lopen. Er komt een meneer naar mij toegesneld en legt gauw de drie scheppen met nauwkeurige precisie naast elkaar en gebaart me dat ik opnieuw de foto moet nemen. Nou ben ik de beroerdste niet en maak nog een foto. Ik begrijp dat de bovenste foto dus niet geschikt is voor publicatie, maar ik kan het niet laten.
Vervolgens wil ik verder lopen, maar de man gebaard mij dat ik eerst mijn handen moet wassen.

 

tempel Ritto

 

Aan het eind van de middag ben ik weer thuis. Gelukkig heb ik morgen een fietsvrije dag en kunnen mijn ledematen, spieren en gewrichten even tot rust komen. Overmorgen begint de tocht om het meer, maar of ik ooit op deze fiets weer thuis kom...?