Dag 22, maandag 6 augustus: Rødvig – Udby (Møn)

weer: zonnig, warm, harde tegenwind
Aantal gefietste km.: 94

Route:

Nationale route nr. 9 (ongeveer)
Rødvig, Lund, Lille Torøje, Fakse Ladeplads, Ronolte, Præstø, Roneklint, Jungshove By, Stavreby, Tjørnehoved, Rekkende, Kragevig, Sandvig, Viemose, Kavehave, Lendemarke, Stege, Udby

 

Deze morgen verstuur ik met Hanne’s computer de volgende mail:

 

Hej alle sammen!

Hierbij een berichtje uit Rødvik (Seeland). Op dit moment heb ik net een uitgebreid ontbijt achter de rug bij Hanne en Jørgen. Met hen heb ik gisteren een wandeling gemaakt van 15 km over Stevns Klint en heb vervolgens bij hen overnacht.
Dit was de eerste dag dat ik niet op de fiets zat! Alle voorgaande dagen heb ik doorgebracht op de fiets (zelfs de rustdagen).
Ik heb tot nu toe een ongelooflijk indrukwekkende tijd achter de rug. Het is echt fantastisch! De eerste week was redelijk zwaar. Ik moest wennen aan de heuvels (Denemarken is echt niet vlak!!) en de harde wind (tegen). Maar na een week met zadel- rug- en kniepijn ging het een stuk makkelijker. Alles werd lichter: mijn fiets, mijn tent en zelfs ik (heb onderweg een riem moeten kopen...).
Denemarken is een heel fietsvriendelijk land, je wordt er, meer nog dan in Holland, in de watten gelegd. Er zijn goede fietspaden, alles wordt duidelijk aangegeven, er zijn honderden fietsroutes, veel picknickplekken, veel openbare (schone) toiletten, heel veel kerken waar je water kan tappen en ook naar de wc kan gaan en vriendelijke en gastvrije mensen.
Ik heb het getroffen met het weer. Vanaf gisteren is het warm en daarvoor was het over het algemeen rond de 20 gr. met wolken en zon. Af en toe een buitje regen, ik heb maar twee dagdelen echt in de regen gefietst.
Gisteravond heb ik in de Oostzee gezwommen! Brrr... koud, maar zeer weldadig!
Mijn overnachtingen zijn zeer speciaal, het is elke dag weer een verassing waar ik die nacht zal slapen. In Denmarken zijn ong. 800 adressen waar je gratis kan overnachten. Dit zijn of natuurkampeerterreinen of kampeerplekken bij mensen in de tuin. De meeste natuurterreinen hebben 'shelters', kleine houten hutjes waar je in kan slapen. Soms is er water (en heel soms een douche), maar lang niet altijd. Als ik bij mensen in de tuin kampeer (of soms een restaurant, een stoeterij, een clubhuis) kan ik hun toilet en douche gebruiken.
Wat ik heel bijzonder vind, is dat het een relatief veilig land is. In de eerste week sprak ik een Nederlander die daar woont. Hij raadde mij af om alleen op een boskampeerterrein te gaan staan. Niet omdat dat gevaarlijk is voor een vrouw alleen (wat ik dacht..), maar omdat er zoveel vossen en reeën zijn die nogal kabaal maken als ze elkaar ontmoeten. En voor een vrouw alleen in Denemarken?, vroeg ik hem: 'ha ha, dit is Nederland niet!'. Hij was de eerste, maar bij langena niet de enige die mij gerust stelde. Wat heel erg tekenend is, is dat mensen je vertrouwen. Ik heb al heel vaak meegemaakt dat men mij een sleutel gaf van eigen huis, of een keer van een vuurtoren omdat ik naar boven wilde klimmen.

De taal is over het algemeen geen probleem. De meesten spreken Engels en als we er niet uitkomen, spreken we elk onze eigen taal en komen er op die manier achter dat we heel veel dezelfde woorden gebruiken.

Voor mensen die het interessant vinden, is dit de route die ik gevolgd heb:
Door Jutland: Padborg, Vejen, Viborg, Klejtrup, Aalestrup (fietsmuseum), Aars, Nibe, Aalborg, Hirtshals, Skagen.
Vervolgens langs de oostkust weer terug tot aan Århus (veerboot naar Kalundborg)
Door Sjællland: Kalundborg,  Roskilde, Helsingør (veerboot naar Zweden)
Door Zweden: Helsingborg, Landskona (eerste echte camping), Malmö (trein over de Øresund)
Sjælland: Kopenhagen, Køge, Stevns Klint (wandeling)

Nu ben ik in het huis van Jørgen en Hanne in Rødvig. Ik heb hen eergister op een tentplaats ontmoet. Nu zit ik achter Hanne's computer.
Mijn plan is om vandaag naar het eiland Møn te fietsen, vervolgens Falster, Lolland, Langelang, Æro, Funen en dan via Duitsland naar huis te fietsen.
De stand is op dit moment 1350 km, 3 lekke banden, 100 muggebulten, bijna elke dag (harde) tegenwind, een heel aantal interessante gesprekken, gemiddeld 50 heuvels per dag (iemand zei tegen me: maybe you call it hills, but i call it mountains! Maar ze had lippestift op en droeg hoge hakken).
De dagafstand is gemiddeld 75 km. Als ik op een dag de toerist uithang en van alles ga bekijken fiets ik rond de 60, 70 km. Als ik alleen maar fiets rond de 80, 90 km.

Wel, er is nog veel meer te vertellen, maar ik wil nog wat bewaren voor als ik terug kom.
Ik geniet elke dag met volle teugen. Oké, er zijn ook wel momenten geweest dat ik geen heuvel meer kon ziet en geen wind meer kon voelen, maar over het algemeen is dit een fantastische ervaring!
Ik probeer rond de 20e weer terug te zijn, uiterlijk 23 aug.

Veni Vidi Fietsie!

På gensyn!!
Gea

 

fietsen langs de Deense kustAan het begin van de middag vertrek ik, uitgezwaaid door Jørgen en Hanne. Mijn doel voor die dag is het eiland Møn. Dat moet ik wel halen want er zijn op de hele route geen kampeerplekken. Tot mijn eigen verbazing merk ik dat, in tegenstelling tot de eerste week, een jeugdherberg niet in aanmerking komt. No way, ik zal hoe dan ook doorfietsen al is het tot diep in de nacht. Wat was ik een watje in die eerste week!

Jørgen had mij een aantal plekken aangeraden waar ik van de route af zou kunnen wijken om dichter langs de kust te kunnen fietsen. Dit blijkt een gouden tip: een prachtig klein kustweggetje, waar geen auto’s mogen komen, brengt mij op schitterende plekken.
Op een gegeven moment, rond een uur of drie, kom ik langs een woonhuis en ik ben onzeker of het pad wel openbaar is. Ik rij weliswaar al een tijdje op een onverharde weg, maar hier ligt alleen nog maar gras.
De deur van het huis staat open en ik besluit het maar even te vragen. Ik roep "Hello" naar binnen en een hond komt kwispelstaartend op me af. Ergens boven wordt er geroepen en ik vraag of diegene Engels spreekt. Ja hoor, of ik even wil wachten. Een tijdje later komt er een man in ochtendjas naar beneden. Ik vraag hem naar het pad en het blijkt inderdaad bij het huis te horen en niet openbaar te zijn "maar iedereen mag erlangs! Even doorfietsen en je bent weer aan de kust" Hij wil weten waar ik vandaan kom, hoelang ik al onderweg ben, wat m’n planning is… Ondertussen hoor ik ergens boven een (mannen)kuchje en het lijkt mij zo toe dat er op hem gewacht wordt. Maar meneer neemt alle tijd en na mij een goede reis toegewenst te hebben, stap ik weer op de fiets.
Aardige jongens, die Denen…

Bij deze kerk twijfel ik even welke richting ik op moet. Ik vraag de tuinman (of de koster, of de dominee…) de weg naar Præsto. Hoewel hij geen engels spreekt, begrijpt hij m’n vraag en tekent met een stokje in het zand een plattegrond, compleet met straten, zijweggetjes, kruisingen en rotondes. Met andere woorden: een waar kunstwerk waar menig cartograaf jaloers op zou zijn.
Met een kleine pauze tussendoor heb ik vanaf Rødvig in een ruk doorgefietst om vervolgens om 21.00 op de kampeerplek aan te komen. Achteraf niet zo slim, morgen zal ik het moeten bezuren…

 

 

Dag 23, dinsdag 7 augustus: Udby – Liselund

weer: zonnig, warm, harde tegenwind
Aantal gefietste km.: 26

Route:

Nationale route nr. 8
Udby, Borre, Liselund

 

Kerlby Kirke

Kerlby Kirke

 

Het begint vanmorgen bewolkt, maar het klaart al snel op. Mijn plan is om in ieder geval heel Møn rond te fietsen en wellicht over te steken naar Falster. Maar de tocht is zwaar en na een overijverig gisteren, harde tegenwind en alleen maar klimmen wil ik nog maar één ding: slapen!

Rond een uur of twaalf kom ik bij een natuurkampeerterrein in Krageskoven (skove = bos) waar ruimte is voor twee tentjes. De grootste plek is bezet door een jong (erg jong) stel dat juist van plan is op te stappen. Ze hebben nog een half uurtje nodig om de boel in te pakken en omdat de kleinste plek wel erg klein is en ook nog eens schuin afloopt, besluit ik te wachten en de tijd de door te brengen met een wandeling richting de klif. Het meisje vertelt hoe ik daar het makkelijkst kan komen en geeft me een kaart mee "mag je wel houden, wij wonen hier toch". Ik laat mijn fiets achter (want dat durf ik onderhand wel) en hoe moe ik ook ben, ik vind het wel lekker even te lopen.

Møns Klint loopt langs de gehele oostkust van Møn. In het noorden, daar waar mijn tent staat, heb je de Lille Klint (kleine klif). Richting zuiden, het grootste gedeelte van Møns Klint is de Store Klint (grote klif). Vandaag loop ik naar de Lille Klint, de grote bewaar ik voor morgen.

 

Wandelpad naar de Lille Klint op MønLille Klint op MønLille Klint op Møn

Wandelen naar Lille Klint. En dan te bedenken dat dit nog maar een kleintje is

 

Ik zet mijn tent neer en kom tot de ontdekking dat ik bijna geen water meer heb. In de buurt moet een jeugdherberg zitten en daar fiets ik naar toe (klimmen, dalen, klimmen, dalen, pff...). Ik maak gebruik van het toilet, geef mezelf een poetsbeurt en vul alle flesjes. Erg handig zo'n jeugdherberg. Terug bij de tent leg ik mijn slaapmatje op het gras, smeer mezelf in met zonnebrandspul en heb vervolgens eindelijk de rust om even een tukje te gaan doen. Mijn self-inflating matje voelt aan als een echte Hästens. Maar nog voordat ik mij kan overgeven aan Morpheus, komt een enorme, maar dan ook echt een enorme bromvlieg mij gezelschap houden. Hij is bijna drie centimeter lang, ongeveer 8 millimeter breed en maakt net zoveel geluid als dat hij dik is: echt een hele lage brom. Ik heb nog nooit zo'n grote bromvlieg gezien. En gehoord.
Van slapen komt het niet, dat kan ik ook maar beter vannacht doen. Ik schrijf kaarten naar eenieder die geen mail heeft gehad, werk de administratie (ja, ja) bij en val uiteindelijk boven een boek in slaap.

 

 

Dag 24, woensdag 8 augustus: Liselund – Lillebrænde (Falster)

weer: bewolkt, regen, warm, beetje zon
Aantal gefietste km.: 56

Route:

eigen route
Fiets: Liselund, Busene, Busemarke, Råbymagle, Keldby, Stege, Damsholte, Store Damme, Nyby (Bogø)
Boot: Nyby - Stubbekøbing (Falster)
Fiets: Stubbekøbing, Lillebrænde
1 lekke band

 

Møns klint (store klint)Møns klint (store klint)

En daar is ‘t ie dan: de Store Klint, maar wel in dikke mist. En het is vloed...

 

Aan het einde van de middag neem ik, via het eiland Bogø, de ferry naar Falster.
Deze kleine ferry vaart gedurende de zomermaanden maar één keer per uur.
En ik heb hem net gemist.
En het regent hard.
En er is geen schuilplaats...

Op Falster is het zowaar droog en begint de zon te schijnen. Ik krijg een plekje toegewezen achter het huis van een oud echtpaar. Het is een groot grasveld wat grenst aan het terrein van de buren.
Tijdens het tentopzetten komen er twee vrouwen aangewandeld. Ze gaan aan een van de picknicktafels zitten en steken een sigaret op. Op een gegeven moment komt een van hen op mij af lopen en vraagt mij de inmiddels welbekende vragen (wie, wat, waar...enz.). Ze vertelt dat ze hiernaast “woont”, in het House of Freedom. De andere dame komt er ook bij staan. Sinds twee weken verblijven ze in de afkickkliniek, beiden vanaf hun tienerjaren verslaafd, de een is 40 en de ander 26. In Zweden, waar ze vandaan komen, zijn ze “uitbehandeld”, naar eigen zeggen is er daar geen hoop meer voor hen. Met een groep van 20 mensen volgen ze hier in Denemarken een speciale behandeling.
Ze vinden mij erg moedig, zo in m’n eentje in een vreemd land, elke dag weer de tent op zetten en je eigen potje koken.
Maar ik vraag me af wie er moediger is: ze zijn inmiddels twee weken clean en om te besluiten om af te gaan kicken, in een vreemd land, elke dag weer knokken…
Ik zeg hun wat ik denk en zo beginnen we een heel filosofisch gesprek over het feit dat we min of meer in hetzelfde schuitje zitten: bezig met een lange reis, niet weten welke leeuwen en beren je tegen kan komen.
Toch denk ik dat mijn reis een stuk makkelijk en leuker is.

 

Kampeerplek in Lillebrænde (overnatning i det fri)Kampeerplek in Lillebrænde

Kampeerplek in Lillebrænde met avondverblijf

 

Nadat ze vertrokken zijn, ga ik op verkenning uit. Ik heb de sleutel van het “toiletgebouw” gekregen en ben wel benieuwd hoe dat er uit ziet. Vroeger was dit een gebouwtje geweest van de sportverenging, met twee kleedkamers, douches en toiletten.
Na inspectie krijg ik sterk de indruk dat er heel lang niemand gebruik van heeft gemaakt: uit de vloer in de douches groeien paddestoelen, de toiletten staan vol water, de wasbakken zijn erg smerig en in het hele gebouw hangen enorme spinnenwebben (met alle betreffende eigenaren). Wat nu?
Het antwoord komt aanwandelen in de vorm van twee mannen: “Hi, Dutch cyclist”. Ah, ik ben blijkbaar beroemd/berucht in de buurt. Zij verblijven ook in het House of Freedom en de dames hebben over mij verteld.
Ze werpen een blik binnen het toiletgebouw: moet je daar douchen? Heb je wel warm water?
Nou, dat is het ergste niet, die flora en fauna zit me meer dwars. “Je kan wel bij ons douchen, we vragen het wel even aan de staf. Kom maar mee”.
Schoorvoetend volg ik de jongens. Buiten het feit dat het noodzakelijk is, heb ik natuurlijk wel zin in een warme douche, maar ik vraag me af of de staf daar zomaar toestemming voor zal geven.
Aangekomen bij de buren, komt een van de twee dames op me af. “Eigenlijk mag je hier niet komen hoor, dit is een anoniem huis!”. Ik leg uit wat de jongens van plan zijn, maar dat ik het heel goed zal begrijpen als de staf geen toestemming geeft.
Maar… zowaar, ik mag daar douchen!
Het is een vreemde gewaarwording om zomaar in zo’n kliniek rond te lopen, voelt helaas maar al te bekend, maar het doel heiligt de middelen.
Ik bedank voor het aanbod om ook m’n eten bij hun te koken. Ze hebben medelijden met me dat ik zo primitief m’n potje moet koken. Voor mij is het deze keer juist erg luxe omdat ik een huisje (zie foto) tot m’n beschikking heb en niet op de grond hoef te koken. In de loop van de avond komen er steeds verschillende mensen langs: iedereen is nieuwsgierig naar die Hollandse fietser. Ik heb vanavond heel wat hartverscheurende levensverhalen gehoord.

 

 

Dag 25, donderdag 9 augustus: Lillebrænde – Saxkøbing (Lolland)

Weer: ‘s ochtends mistig, ‘s middags warm
Gefietste aantal km.: 50

Route:

eigen route
Lillebrænde, Maglebrænde, Nørre Tåstrup, Horbelev, Bregninge, Karleby, Sønder Kirkeby, Nykøbing-F, Saxkøbing

3 keer lekke band (of meer, tel kwijt)

 

Om 8.00 uur word ik uitgezwaaid door een groep heldhaftige “reizigers”.
Door Jørgen en Hanne was mij aangeraden langs de zuidoost-kust te fietsen aangezien de rest van Falster nogal saai is. Maar het is de hele ochtend zo mistig dat ik halverwege de route richting kust besluit rechtstreeks naar Nykobing te gaan om daar naar Lolland over te steken.
In Nykobing is de mist weggetrokken.

 

Nykøbing (F), de BastebrostrædeNykøbing, Lolland

 

Precies midden op de brug tussen Falster en Lolland loopt m’n band weer leeg. Lopend kom ik aan op Lolland. Hier probeer ik op een grasveld m’n band te plakken en om het nuttige met het onaangename te verenigen laat ik ondertussen wat handdoeken en T-shirts in de zon drogen.

Tot drie keer toe (en elke keer is de band echt goed geplakt) loopt hij weer leeg als ik begin te fietsen. Er moet een nieuwe binnenband in. Deze heb ik zelf wel, maar ik zie er tegenop die er zelf op te zetten aangezien mijn lompe fiets niet echt een fietsvakantiefiets is met z’n dichte kettingkast. Ik loop verder om ergens te vragen waar de dichtbijzijnste fietsenmaker is.
Ik stuit op een bedrijventerrein, waar twee mannen buiten een vrachtwagen aan het inladen zijn. Ik vraag hun mijn dringende vraag, maar ze spreken slecht Engels en halen hun baas erbij.
Nu wil het toeval dat ik terecht ben gekomen bij een instantie die zich bezig houdt met het opleiden van kansloze jongeren. Op de afdeling waar ik heb aangeklopt, repareren ze rolstoelen, gereedschap, brillen en rollators voor de Derde Wereld. Een van de jongeren heeft bij een fietsenmaker gewerkt en voor ik het weet wordt m’n fiets afgeladen en naar de werkplaats gebracht.
Ondertussen krijg ik van het hoofd van de afdeling, Arne Kjærsgaard, een kop koffie en word ik getrakteerd op een rondleiding door het MultiCenter Syd. Zoals gezegd, het is een soort opleiding voor kansarme jongeren. Er zijn verschillende afdelingen:

  • Internationale afdeling
  • Muziekafdeling
  • Kookafdeling
  • Creatieve afdeling
  • Handwerkafdeling

Op elke afdeling kunnen de jongeren een vak leren.

De internationale afdeling heeft connecties met "Gered Gereedschap" in Amsterdam. Arne kan, zoals de meeste buitenlanders, deze naam niet goed uitspreken en ik heb geen idee waar hij het over heeft. Ik vraag of hij die naam ergens heeft staan. Dat heeft hij "Oh, Gered Gereedschap, daar heb ik wel eens van gehoord". Waarop Arne zegt: "Ja, dat zei ik toch!". Dit soort ‘uitspraakproblemen’ heb ik al eerder met Denen meegemaakt.

Multi Center Syd, Nykøbing (L)Na een paar uur (!) is mijn fiets klaar. De nieuwe binnenband zit er op en ik kan weer fietsen. Er is alleen nog één klein probleempje: alleen de 1e versnelling werkt.
Arne zoekt op internet de dichtbijzijnste fietsenmaker op, print de plattegrond en op m’n dooie gemak (ik kan ook niet anders) trap ik naar Saxkøbing. Vijftien kilometer in de 1e versnelling als je niet hoeft te klimmen, is toch enigszins frustrerend, maar bij aankomst in Saxkøbing word ik vriendelijk toegelachen door de watertoren...
Mijn dag is weer goed!

Ik vind de fietsenmaker, maar die blijkt sinds een paar dagen definitief gesloten. Aangezien het al laat in de middag is, ga ik op zoek naar een kampeerplek. Morgen maar weer verder. Tot mijn ontzetting is de dichtbijzijnste kampeerplek ongeveer 20 km verderop, nog voorbij Maribo. Een bejaard echtpaar vertelt mij (in het Deens!) dat er in de buurt wel een ‘gewone’ camping is. Ik bedank hen in het Nederlands (we begrepen elkaar zowaar) en zoek de camping op.
In Denemarken kun je, net als in Zweden, alleen op campings kamperen met een campingpas. Deze kun je aanschaffen bij aankomst, maar is nogal duur als je van plan bent maar één nacht te blijven. De campingeigenaar, een norse man die geen Engels of Duits spreekt, geeft te kennen dat ik niet zonder kaart mag kamperen. Hij roept zijn vrouw erbij, die Engels spreekt en na mijn zielige verhaal over een kapotte fiets, mag ik zonder kampeerkaart mijn tent daar opzetten (“Maar echt niet langer dan één nacht!”)
Toch is zo’n echte camping best wel eens lekker: een warme douche, koken in het keukentje op een echte kookplaat, een picknicktafel bij de tent. Wat wil een mens nog meer?
Na het avondeten, onder de afwas, spreek ik een Deense vrouw die in Spanje woont en ’s zomers hier in Denemarken komt “overzomeren”. Wellicht kan haar man eens naar m’n fiets kijken? Ja, kijken kan altijd. Zoals ik verwacht (maar ik wil natuurlijk niet ijgenweis zijn) kan hij het euvel niet verhelpen. Wel weet hij een andere fietsenmaker in het dorp en biedt aan om morgen met me mee te gaan.
Als ik die avond door ik door Saxkøbing wandel, zoek ik alvast de fietsenmaker op. Ik zie dat hij pas om 10.00 uur open gaat en ik moet om 10.00 uur van de camping af zijn. Dat betekent dus dat ik al m’n bagage mee moet nemen en mag hopen dat hij niet al te veel tijd nodig heeft. Het zou handig zijn als ik m’n spullen op de camping kan achterlaten, maar de norse campingeigenaar zal daar vast niet mee instemmen.
Teruggekomen op de camping vertel ik mijn dilemma aan de Deens/Spaanse meneer. “Ik regel het wel voor je” en ja hoor, even later komt mijn redder in nood terug: “je mag morgen de hele dag blijven”.

 

 

Dag 26, vrijdag 10 augustus: Saxkøbing

Weer: regenachtig
Gefietste aantal km: 20 km

Route:

Saxkøbing, Maribo, Saxkøbing

 

de lachende watertoren van SaxkøbingTegen tienen fiets ik richting Maribo. De fietsenmaker in Saxkøbing heeft mij niet kunnen helpen en heeft me aangeraden naar Maribo te gaan. Mijn Deens/Spaanse Redder in Nood heeft vervolgens de campingeigenaar zover gekregen dat ik alle tijd mag nemen die ik nodig heb en ook nog best een nachtje extra mag blijven.

De fietsenmaker in Maribo is een aardige jongeman. Hij vindt het geweldig dat ik op deze fiets half Denemarken heb rondgefietst. "Ah, that’s a really Dutch bike!, beautiful! It’s an honour for me to fix it!". Nou, ga je gang.
In de tussentijd wandel ik door Maribo. Helaas regent het, maar ondanks dat vermaak ik me prima. Met een boekhandelaar heb ik een aardig gesprek over Deense en Nederlandse schrijvers. Ik ken meer Deense schrijvers dan zij Nederlandse (en ik ken er maar drie, waarvan er één sprookjesschrijver en de ander filosoof is).

Ik kom terug bij Maribo Cykler en de fietsenmaker heeft goed en slecht nieuws: de versnellingen doen het weer, maar de buitenband is eigenlijk te slecht om daar nog twee weken op te fietsen. "Je moet het helemaal zelf weten hoor, het kan best goed gaan, maar voor hetzelfde geld heb je morgen weer een lekke band". De band vertoont inderdaad slijtageplekken en het lijkt me verstandiger die te vervangen. Ik vraag hem er een goede anti-lek-band op te zetten (het lijkt me opeens zo heerlijk, nóóit meer een lekke band).
De fietsenmaker levert prima werk af. Als extra service smeert hij de ketting, stelt de remkabels opnieuw af en zet m’n handvaten vast. Gratis. En... ik heb de hele vakantie geen lekke band meer!

 

 

Dag 27, zaterdag 11 augustus: Saxkøbing – Emmerbølle (Langeland)

weer ‘s ochtends: miezeregen. daarna droog. ‘s avonds zonnig
Gefietste aantal km.: 102

Route:

Nationale route nr. 8 (ongeveer)
Fiets: Saxkøbing, Maribo, Bandholm, Keldernæs, Hejringe, Lindet, Vesterborg, Halsted, Nakskov, Sandby, Tårs
Boot: Tårs – Spodsbjerg (Langeland)
Fiets: Spodsbjerg, Stengade, Botofte, Lejbølle, Emmerbølle

 

Bij Slot Ravnsborg in het noorden van Lolland, begeeft mijn kilometerteller het. Het wordt hem allemaal te veel.
Gelukkig heb ik voor de rest van de vakantie een aantal kaarten waar precies het aantal kilometers op staat als je netjes de route volgt. Ook een touwtje is een handig hulpmiddel.
Maar vanaf nu een iets minder met zekerheid vast te stellen aantal kilometers.

Op de boot ontmoet ik een Duitse jongen, ook in z'n eentje op fietsvakantie. Hij fietst alleen wel twee keer zoveel kilometers per dag. Hij kampeert in het wild en dat betekent dat je alleen maar tussen zonsondergang en zonsopkomst ergens mag staan. Hij slaapt van 23.00 tot 5.00 en zit de rest van de dag op de fiets. Als we aankomen drinken we samen nog een kopje koffie in het restaurant en dan scheiden onze wegen weer.

 

Emmerbølle, overnatning i det friEmmerbølle, overnatning i det fri

Kamperen bij iemand in de tuin, recht tegenover het pad naar zee

 

 

Dag 28, zondag 12 augustus: Emmerbølle – Søby (Ærø)

weer: ‘s morgens bewolkt, na 11.00 uur zonnig en warm
Gefietste aantal km.: 84

Route:

Eigen route, regionale routes nr. 92 en 90
Fiets: Emmerbølle, Tranekær, Frellisvig, Tullebølle, Simmerbølle, Rudkøbing
Boot: Rudkøbing – Marstal (Ærø)
Fiets: Marstal, Rolpested, Kragnæs, Lille Rise, Ærøskøbing, Borgnæs, Skovby, Søby

 

Omdat het zondag is gaan de boten maar 4 keer per dag. Ik moet ongeveer een uur wachten en in dat uur wordt het prachtig weer.

Het inladen van de boot duurt erg lang vanwege het vele passen en meten. Toen ik al die wachtende auto’s, vrachtauto’s, fietsers en voetgangers zag, dacht ik dat dat er nooit in zou passen, maar tot mijn verbazing past alles precies.

Ik ben van plan om langs de noordoostkust de fietsen, van Marstal naar Ærøskøbing. Ik verwacht dat de zee aan m’n rechterhand zal opduiken en ik dan links moet aanhouden.
Even voorbij Rolpested zie ik in de verte de zee, maar iets klopt er niet: hij verschijnt aan m’n linkerkant. Omdat ik het probleem op de een of andere manier niet wil zien, hou ik wel links aan en kom na een tijdje weer in Marstal terecht.
Nog maar een keer dan.
Weer kom ik op zelfde punt terecht, daar waar de zee aan m’n linkerkant verschijnt. Ik zie dat de zon ook precies aan de verkeerde zit en mijn kompas wijst ook de tegenovergestelde richting aan. Normaal gesproken vertrouw ik het meest op de zon, daarna op mijn kompas en als laatste op mezelf. Maar om de een of andere reden doe ik dat vandaag andersom. Weer ga ik naar links en weer kom ik in Marstal terecht.
Waar doe ik het fout? Nog maar een keer dan.
Plotseling kom ik erachter: er ontbreekt een routebordje met nr. 92. Beide vorige keren heb ik de verkeerde weg genomen omdat ik de zee in de verte zag. Nu is het eiland daar maar 2,5 / 3 km breed en op dat punt is de zee aan beide kanten ongeveer even ver weg, maar is alleen aan de linkerkant te zien en niet aan de rechterkant.
Ik ga naar rechts en ja hoor, ook daar is een zee, maar dit keer de goeie. De bordjes wijzen mij verder de juiste weg naar Ærøskøbing.  

Wat mij betreft is dit (tot nu toe) het mooiste eiland van Denemarken. Het afwisselende, idyllische landschap wordt opgevrolijkt door de levendige kleuren van de 17e en 18e-eeuwse huizen.
Het eiland is slechts 30 km lang en nergens meer dan 8 km breed.
Ærøskøbing (1000 inw.) is de hoofdstad van Ærø. De binnenstad valt onder monumentenzorg. Na een brand in 1629, die de hele plaats verwoestte, is het herbouwde stadje niet veel meer veranderd.

 

ÆrøskobingÆrøskobing

Ærøskobing

 

Klik hier voor prachtige foto's van Ærø en Ærøskøbing

 

Inmiddels hou ik niet meer bij wat voor een dag het is. De datum weet ik nog wel, want die staat op het scherm van mijn mobiele telefoon, maar daar kijk ik ook niet altijd op. Vandaag wil ik boodschappen doen, maar overal waar ik kom zijn de winkels dicht. Zodoende kom ik erachter dat het zondag is vandaag. Gelukkig is Søby nogal toeristisch en heeft daarom een supermarkt waar je ook zondags terecht kan.
Ik doe de boodschappen en bel vervolgens naar het adres waar ik wil overnachten. Dit keer is het weer een particulier die een grote tuin heeft. Ik heb een gids waar alle adressen in staan en als er de opmerking ring i forvejen bij staat, dan betekent dat dat je van te voren even moet bellen, wat overigens niet zo vaak voorkomt.
Ik kom aan, zet mijn fiets neer en word gelijk “overvallen” door mijn gastheer die me de schuur laat zien waar foto’s aan de wand hangen van zijn voorouders en van zijn bosbouwproject op Ærø. Zijn naam is Hans Aage Pedersen en ik begrijp niet alles van wat hij zegt want hij spreekt Engels, Duits en Deens door elkaar. Maar, in mijn woorden, Hans Aage heeft een stukje natuurgebied ontwikkeld bij Søby waar hij bijzonder trots op is en graag wil laten zien aan iedere toerist die bij hem komt kamperen. Voor ik het weet zit ik in de auto en rijden we er heen. ’t Is eigenlijk toch wel een ongemakkelijke situatie: ik heb m’n fietskleren nog aan, ben hongerig en stap zomaar bij een vreemde man in de auto (ik bedenk wel dat hij oud is en vast niet zo sterk als ik).

Hieronder twee foto’s van Hans Aage’s natuurgebiedje. Ik moet zeggen dat het inderdaad prachtig is: bos en moeras met prachtige bloemen en planten.

 

Hans Aage voor 'zijn' bosbos op Ærø

 

Een ijdele man is hij wel, hij wil dat ik voor de ingang van het bos een foto van hem maak. De zuilen zijn geel en door de avondzon steken ze daardoor nogal flets af en is Hans Aage niet goed te zien. Hij geeft me aanwijzingen waar ik moet staan en ik fotografeer hem vanuit verschillende hoeken. Elke keer wil hij even op het schermpje kijken hoe de foto geworden is.

Vervolgens rijden we door naar het zuidelijkste puntje. In deze hele punt ligt een golfbaan, met aan het eind een vuurtoren, Skjoldnæs Fyr. Hans Aage vertelt, dat als het waait, het echt geen pretje is op dat stukje van Ærø.
Ik begrijp wel uit zijn verhalen dat hij bijzonder trots is op het eiland. En het moet gezegd: het ìs ook een prachtig eiland. Op mijn vraag hoe het hier ’s winters is, is hij even stil en antwoordt dan: koud…