Dag 15, maandag 30 juli: Kærby - Hvalsø
Weer: overdag regen, harde wind mee, ’s avonds droog en zonnig
Aantal gefietste km.: 59
Route:
Nationale route 4
Kærby, Svebølle, Jyderup, Mørkøv, Sønder Jernløse, Nyby, Tølløse, Hvalsø
Vanmorgen wil ik rond achten weg. Ik moet nog DKK 15,- (ong. € 2,-) betalen, maar heb nog geen teken van leven ontdekt en ik wil de bewoners natuurlijk niet wakker maken. Tegen negenen (het regent toch) maar eens aangebeld. Een slaperige mevrouw Stavnkær doet open en ik vertel wie ik ben en dat ik wil betalen èn haar bedanken voor de gastvrijheid èn dat ik haar absoluut niet wakker had willen maken. In tegenstelling tot haar man spreekt ze geen engels, maar dat is geen probleem. Ze drukt me een gastenboek in handen waar ik een verhaaltje in moet schrijven. Ze blijft naast me staan wachten in haar badjas en gehurkt schrijf ik een verhaaltje. Heel kort want ik kreeg kramp in m’n hurken...
En de beloofde regen valt vandaag, met bakken.
Tegen vieren kom ik bij Tadre Mølle, een watermolen met een klein restaurantje. Hier drink ik een grote mok koffie, het smaakt met recht naar een bakkie troost. De mevrouw van de koffie wijst mij het toilet en tot mijn grote vreugde zie ik dat hier ook een natuurkampeerterrein ligt, met shelters. Hoewel het nog vroeg is, besluit ik ter plekke dat ik stop met me nat laten regenen en hier te overnachten.
In een van de shelters tref ik Niels aan met vrouw en dochter (en met konijn). Met Niels' vrouw heb ik een gesprek over musicerend Denemarken en musicerend Nederland. Zij is beroepspianiste en geeft les op de muziekschool in Kalundborg. Ze is ooit in Utrecht geweest en heeft daar een masterclass gevolgd op het conservatorium.
Even na mij komt er een jong stel uit Kopenhagen. We zitten met z'n allen aan de koffie en de conversatie is hoofdzakelijk in het Deens totdat Niels mij vraagt of ik banden kan plakken. Tuurlijk, zeg ik stoer, als je op fietsvakantie gaat is dat toch het minste wat je moet kunnen. Hoezo? Nou, dit stel heeft een lekke band van de fietskar en kan geen banden plakken… Ai, ai. Ik maak het goed door hen een bandenplakcursus aan te bieden. Uiteindelijk plakken ze onder mijn toeziend oog de band en krijgen mijn fietspomp cadeau omdat ze de cursus met goed gevolg hebben afgelegd (ik had er toch twee, en zij geen).


Tadre Mølle
Dag 16, dinsdag 31 juli: Hvalsø – Bastrup
Weer: bewolkt, beetje zon, harde wind mee
Aantal gefietste km.: 71
Route:
Nationale route 4 / eigen route
Hvalsø, Lejre, Roskilde, Ågerup, Østrup, Veksø, Ganløse, Bastrup, Slangerup, Slagslunde, Gangløse, Bastrup
In Roskilde blijf ik niet zo lang, ik fiets er alleen wat rond.
De route van vandaag valt een beetje tegen. Ik rij dan ook geen officiële fietsroute, maar kijk gewoon op de kaart voor de kortste weg naar Helsingør, ik wil namelijk morgen naar Zweden. Voor de kampeerplek bij Bastrup fiets ik zelfs zo’n 20 km om over een slecht bospad wat mij een kapot spatbord oplevert.
Dag 17, woensdag 1 augustus: Bastrup - Landskrona (Zweden)
Weer: zonnig
Aantal gefietse km.: 73
Route:
eigen route / Cycelspåret
Fiets: Bastrup, Lynge, Lillerød, Hillerød, Asminderød, Kvistgård, Helsingør
Boot: Helsingør – Helsingborg
Fiets: Helsingborg, Rydebäck, Glumslöv, Landskrona
Al vele jaren is het een droom van me om ooit eens Zweden te bezoeken. Waarom? Het spreekt tot mijn verbeelding: het land van Astrid Lindgren en Selma Lagerloff. Tja, en als je dan toch in de buurt bent...
Zowel Denen als Zweden mogen graag even buurten. Er gaat om het halve uur een ferry van Helsingør naar Helsingborg die er 20 minuten over doet.


Foto links: "To be or not to be": hier, op Kasteel Kronborg in Helsingør voerde William Shakespeare zijn prins Hamlet op
Foto rechts: Aankomst in Helsingborg (Zweden)
In Zweden aangekomen vraag ik bij de toeristeninformatie informatie over fietsroutes en kampeer-mogelijkheden.
Een uiterst behulpzame dame raadt mij aan de Cykelspåret te fietsen. Deze route gaat langs de westkust van Zweden naar beneden. Ik kan een (dure) kaart kopen, maar, zegt ze op fluisterende toon, er zijn ook gratis kaarten, die zijn eigenlijk nog beter en daar staan campings op aangegeven. Nou, dan maar de gratis kaart. Die voldoet overigens prima, helemaal omdat de route ook nog eens langs de weg zelf wordt aangegeven.
Wat kamperen betreft: òf vrij kamperen òf op een camping. Vrij kamperen raadt ze me af vanwege ‘roadpirates’: menig toerist, die dicht bij de weg staat, loopt het risico bestolen te worden. Wat overigens weer ontkend wordt door een mannelijke Zweedse klant: “Ach, dat valt wel mee, je kunt best vrij kamperen, als je maar uit het zicht van de weg bent”. Hoe dan ook, ik ben helemaal niet van plan vrij te kamperen. En het lijkt me wel eens lekker om op een echte camping te staan, van alle gemakken voorzien.
De route is niet zo heel spectaculair. Het gedeelte vlak langs de kust is wel mooi, maar er zijn ook veel stukken langs de autoweg.
Maar… ik ben in Zweden, op de fiets!!
In Landskrona vind ik een camping. Hier krijg ik te horen dat je in Zweden een campingkaart nodig hebt om te kunnen kamperen. Maar omdat ik maar één nachtje in Zweden zal blijven, strijkt de beheerder haar hand over haar hart: ik mag zonder campingkaart daar verblijven.
Ik kom terecht op een trekkersveldje, maar ben niet de enige Hollander. Toch ook wel leuk om weer eens Nederlands te kunnen praten.
De camping ligt aan de kust. Als het avond wordt, ga ik op de steiger zitten om zo van de prachtige zonsondergang te genieten.


Dag 18, donderdag 2 augustus: Landskrona – Vestamager Viltreservat (København)
weer: ‘s morgens bewolkt, ‘s middags zonnig, ‘s avonds regen
Aantal gefietste km.: 69
Route:
Cycelspåret / eigen route
Fiets: Landskrona, Häljarp, Barsebäck, Löddeköpinge, Bjärred, Lomma, Malmö
Trein: Malmö – Tårnby
Fiets: Tårnby, Vestamager Viltreservat
Op zoek naar informatie over Malmö, tref ik tot mijn stomme verbazing een heel negatief stukje aan in een gids van Trotter: "misschien heb je geen zin om lang in deze grote haven- en industriestad rond te hangen. Dat komt goed uit, want veel is er niet te zien. Een tip: trek zo vlug mogelijk naar het middeleeuwse stadje Lund"Ik begrijp daar niets van, Malmö is een prachtige stad! In Lund ben ik dan niet geweest, dat zal dan wellicht mooier zijn, maar een middagje Malmö is zeker de moeite waard.


De bibliotheek van Malmö. Links het oude gebouw. Rechts, er aan vast, het nieuwe


Pildammsparken en de voetgangersstraat Södergatan met een blikken harmonieorkest
Aan het eind van de middag ga ik terug naar Denemarken over de brug die Malmö met Kopenhagen verbindt. Omdat je niet over de brug mag fietsen of lopen, blijft de trein als enige optie over. Net als de Deutsche Bahn, dit keer ook een zeer fietsvriendelijke trein.In de trein spreek ik een Deense vrouw uit Kopenhagen die in Malmö was wezen ‘shoppen’. Ze verteld me dat ze is opgegroeid in Tårnby (onder Kopenhagen) en raadt me aan het stadje Dragør te bezoeken.Altijd handig, informatie van de locals.
Dag 19, vrijdag 3 augustus: Vestamager Viltreservat (København) – Glostrup (København)
weer: bewolkt/zonnig, harde wind
Gefietste km.: 62
Route:
eigen route
Vestamager Viltreservat, Søvang, Dragør, København, Glostrup
2 lekke banden
Midden in de nacht word ik wakker van een schrapend geluid bij de shelter waarin ik bivakkeer. Ik lig in de binnentent die ik in de shelter heb geplaatst. Voor de shelter ligt grint en ik hoor heel duidelijk voetstappen in dat grint, vlak bij me.
Eerlijkheid gebied me te vertellen dat ik nogal bang ben en mijn hart maakt overuren. Ik besluit dapper te zijn en te gaan kijken. Dit lijkt me verreweg het verstandigste omdat: 1. als iemand kwaad wil zal dat toch wel gebeuren, of je nou kijkt of niet kijkt. 2. Als je het na kan vertellen, wil je misschien ook wel weten wie je vijand was. En 3: misschien word ik gerustgesteld door te kijken en als ik niet kijk en er gebeurt niets, blijf ik de hele nacht wakker, me afvragend wie of wat er rond mijn shelter sluipt. Wonderlijk wat er allemaal in 2 seconden door je hoofd kan gaan. Aldus gedacht hebbende, neem ik de zaklamp ter hand en maak voorzichtig de rits van de tent open. Ik doe de zaklamp aan en kijk plotseling recht in de ogen van… een ree!
Hij staat maar zo’n twee/drie meter bij me vandaan en kijkt recht in m’n ogen (nou ja, in het licht van de zaklamp eigenlijk). Vol ontzag kijk ik hem aan. Mijn hart gaat weer, of nog steeds, als een razende te keer, maar nu niet van angst. Wauw, dit is fascinerend! Omdat ik even niet nadenk over hoe ik moet reageren en hem (of haar) toch netjes gedag wil zeggen, zei ik ‘Hej’ (Deens voor hallo). Hij draait zich om en loopt langzaam weg.
Ik doe de rits weer dicht en ga weer liggen, diep onder de indruk. Niet veel later hoor ik weer voetstappen. Dit keer zijn ze lichter en ik ga er voor 't gemak maar van uit dat het weer een dier moet zijn, maar dan wat kleiner. Dapper (een mens leert snel) pak ik weer de lamp, rits de tent open en kijk naar buiten. Tegelijkertijd zie ik een vos wegschieten. Pff, ben ik even blij dat beide dieren niet op het zelfde moment mij waren komen bezoeken. Aangezien ze elkaar niet zo aardig vinden zou dat niet helemaal geluidloos aan me voorbij zijn gegaan.
Wat een fantastische ervaring!
Onder de rook van Kopenhagen, aan de kust, ligt het kleine idyllische havenplaatsje Dragør. Howel het een eind om is, en het weer nogal somber, blijkt het zeker de moeite waard.



Tegen het einde van de ochtend ben ik in Kopenhagen, in de wijk Christianshavn. Het weer klaart op en ik besluit de spiraalvormige toren te beklimmen die er vanuit de verte indrukwekkend uitziet: de For Frelsers Kirke.
Het stadsdeel Christianshavn (10.000 inwoners), dat op initiatief van koning Christian IV vanaf 1618 op het eiland Amager werd aangelegd, doet een beetje denken aan onze eigen hoofdstad. Er lopen kanalen of grachten doorheen en de straten vertonen een rechthoekig patroon.
De wijk is via de brug Knoppelsbro verbonden met het centrum van Kopenhagen. Christianshavn is ook bekend uit de roman van Peter Høeg: Frøken Smillas fornemmelse for sne (Smilla's gevoel voor sneeuw).
In Christianshavn hebben nooit ernstige branden gewoed, waardoor veel huizen er nog precies zo uit zien als bijna 400 jaar geleden, toen ze werden gebouwd. Sommige verkeren in een erbarmelijke staat, maar andere zijn mooi opgeknapt en kleurrijk beschilderd. Voor de huizen die aan het kanaal staan, liggen vaak bootjes in het water, wat de wijk helemaal een kleurrijke aanblik geeft.
Ik ga de kerk binnen en de man aan de balie kijkt me aan en zegt in het Engels (zie ik er dan zo buitenlands uit?) I’ve seen you this morning! O.. goh, wat toevallig. Nu is Denemarken natuurlijk klein, en waarschijnlijk ben ik toch wel een beetje een opvallende verschijning. Maar Kopenhagen is groot en er lopen daar heel veel opvallende verschijningen rond. Ik geloof er niets van.
Hij weet het zeker, hij had mij vanmorgen een foto zien maken van de Utrecht Alle, waar hij in de buurt woont. Hm, dat kan inderdaad niet missen, dat was ik.
Ik krijg een waterval met vragen over me heen, waar kom je vandaan, hoelang ben je onderweg, wat heb je allemaal bij je (huh..?). Ondertussen hoor ik iemand carillon spelen en ik vraag bijdehand of hier iemand op een oefenklavier aan het spelen is (het klinkt namelijk als een oefenklavier en buiten had ik niets gehoord). Ha, nu is het de beurt aan de meneer om verbaasd te kijken.
Ik moet volgens hem zelf een uitstekend beiaardier zijn om dat verschil te horen en dat kan ook niet anders als ik uit Nederland kom. Nou meneer, ik ben geen beiaardier, maar ik werk op de Nederlandse Beiaardschool in Amersfoort en in september ga ik met lessen beginnen. "Ah… zie je wel, ga zitten, neem deze stoel, ken je Boudewijn Zwart?" "Nou, niet persoonlijk, maar ik weet wie het is" De meneer wijst op een concertaankondiging. "En ken je Arie Abbenes en Bernhard Winsemius?" "Ja, die waren tot voor kort docenten bij ons op school".
Ik krijg koffie en hij verteld over het carillon in de toren van de For Frelsers Kirke. Deze is voor drie jaar in reparatie en de concerten worden op andere torens in Kopenhagen gegeven.Al met al een gezellig bezoekje wat mij ook nog eens een gratis toegangskaartje oplevert om de toren te beklimmen.



Klik hier voor meer foto's van Kopenhagen
Dag 20, zaterdag 4 augustus: Glostrup (København) – Holtug
Weer: zonnig, warm
Gefietste kilometers: 63
Route:
Nationale route nr. 5
Glostrup, Greve, Køge, Strøby Egede, Magleby, Holtug
2 lekke banden
Ik heb even getwijfeld of ik een helemaal langs Stevns Klint zou gaan of toch maar de hele bocht afsnijden. Gelukkig heb ik voor het eerste gekozen: dit heeft me namelijk een paar ontzettend leuke dagen opgeleverd.
Aan het eind van de middag zet ik mijn tent op bij Flagbanken. Dit was oorspronkelijk een militair oefenterrein en is een van de hoogste punten van Stevns Klint.
Stevns Klint is een 22 km lange en 41 m hoge krijtrots, ontstaan doordat de zee langzaam de lagen kalk, krijt en vuursteen afgeslepen heeft. In de zomer ziet de zee door de weerspiegeling van de rotsen er prachtig blauw uit. Bovenop zijn de rotsen begroeid met bomen.
Deze klif is moeilijk te vinden, vanaf het land is er amper iets van te zien, maar er loopt een wandelpad langs de klif, Trampestien. Dit is een speciaal pad omdat de 52 landeigenaren een overeenkomst hebben gesloten met de autoriteiten in Stevns, waarin zij toestemming geven aan wandelaars om over hun land te lopen.
Een enkele boer heeft hier niet in toegestemd, het pad gaat er dan met een bocht omheen. ’s Winters is het te gevaarlijk om langs de klip te lopen in verband met vallend puin.Stevns Klint loopt van Bøgeskov Havn in het noorden van Stevns tot in de havenstad Rødvig in het zuiden. De naam is afgeleid van het feit dat Stevns er uit ziet als een voorsteven van een schip. Er wordt beweerd dat er in een van de holen in de klif een koning woont: Klintekongen.
Op deze plek ontmoet ik Jørgen en Hanne. Zij zijn bezig met een tweedaagse wandeltocht van Køge naar Rødvig, waar ze wonen.
Ik vraag hen hoe je het beste langs Stevns Klint kan fietsen, maar dit blijkt niet mogelijk. Ze stellen voor om de volgende dag met hen mee te lopen en m’n spullen hier achter te laten. Vanuit Rødvig kunnen ze me dan met de auto weer terug brengen.
Hmm, waarom niet? Lijkt me leuk, even iets anders.


Kampeerterrein bij Flagbanken met uitzicht over Stevns Klint. Officieel is er maar plek voor twee tentjes en er staat een shelter, maar dit blijkt een waar toevluchtsoord te zijn voor trekkers en overal verspreid worden tentjes opgezet
Dag 21, zondag 5 augustus: Holtug – Rødvig
"Rustdag"
Weer: warm, zonnig
14 km gewandeld met Hanne en Jørgen
Route:
Wandelroute langs Stevns Klint
Holtug, Tommestrup, Højerup, Rødvig
De foto’s van vandaag zijn zowel van mij als van Hanne en Jørgen
Omdat Jørgen over een paar weken naar Lapland gaat voor een 14-daagse wandeltocht, in z’n eentje, moet er flink geoefend worden in het lopen met veel bepakking. Hanne en Jørgen hebben allebei grote rugtassen op de rug, en ik maar een klein rugzakje met een lunchpakket en water. Het aanbod om wat van hen over te nemen wordt afgeslagen, ik heb ten slotte een rustdag vandaag.


Stevns Klint
Klik hier voor prachtige foto's van de wandeling langs Stevns Klint!
Jørgen ziet er naar uit om mij het uitzicht vanaf de toren te laten zien, maar bij aankomst blijkt hij gesloten wegens werkzaamheden.
Even verderop staat een keetachtig gebouwtje. Jørgen verteld dat daar mensen van de marine in zitten die de hele dag de zee afspeuren op zoek naar onraad. Dit stamt uit de tijd van de Koude Oorlog, maar blijft nog steeds gehandhaafd.
Lijkt me een bijzondere baan, vandaag de dag.
Ondanks dat er de hele dag nog geen vijandig schip is genaderd, zijn de heren ons goed gezind. Jørgen vertelt hen dat ze een Hollandse toerist bij zich hebben die speciaal voor het uitzicht vanaf de toren hier naar toe is gekomen. Of die mannen hem nou geloven of niet, Jørgen krijgt een sleutel mee en we mogen naar boven. Wel op eigen risico, want er liggen wat losse kabels waar we over kunnen struikelen.
Op 16 maart 1928, om vijf uur in de ochtend, vond er rond Højerup een aardverschuiving plaats. Dit gebeurde wel vaker, maar deze keer was speciaal: de koorgang van de kerk stortte in de diepte.
De kerk was gebouwd rond het jaar 1250 en vanaf 1600 kwam de rand van de klif door zandverschuivingen elk jaar een beetje dichterbij. Volgens de plaatselijke legende gebeurde dat elk jaar in de kerstnacht.
Sinds 1910 werd de kerk niet meer gebruikt omdat men bang was dat de kerk elk moment in kon storten. Toch duurde het nog 18 jaar voordat de kerk een wel heel erg fascinerende attractie werd. In de drie dagen na het ongeluk kwamen er meer dan 40.000 mensen kijken naar de half ingestorte kerk.
Kort erna besloot men de kerk te versterken om verder instorten te voorkomen. Vandaag de dag steekt de kerk trots boven de rand van de klif uit. Aan het ‘gat’ in de muur, waar eerst de koorgang zat, is een balkon geplaatst waar je een prachtig uitzicht hebt over de Baltische Zee.


De Gamle Kirke van Højerup
Hanne woont in een bungalow op een vakantiepark en Jørgen op een camping 25 km verderop.
Ze nodigen me uit om bij Hanne te blijven eten en te overnachten. We halen met de auto mijn fiets, tent en de rest op en doen boodschappen.
Na het eten nemen we een "bad" in de Oostzee, brr… koud, maar zeer weldadig.


Voor Hanne’s verjaardag heeft Jørgen zelf een shelter gemaakt, hier heb ik ‘s nachts in geslapen.