wellsAnd, in addition to this inconvenience, there are flies. Until the cyclist can steer with one hand, his face is given over to Beelzebub. Contemplative flies stroll over it, and trifle absently with its most sensitive surfaces. The only way to dislodge them is to shake the head forcibly and to writhe one's features violently.
- Uit: The Wheels of Chance: A Bicycling Idyll by H.C. Wells

Insecten die een schildje hebben smaken het viest. Dat is nu inmiddels proefondervindelijk gebleken, met de nadruk op proef. Iets minder vies, maar nog steeds smerig, zijn insecten met dikke lijfjes. Lekkere insecten zou ik zo niet kunnen noemen. Insecten die zoemen zijn dan weer vervelend als ze in je oor terechtkomen. “Vervelend hè?”, zei Remy. “Ze fluisteren van alles in je oor, maar je begrijpt er niets van”. Als je veel daalt, vang je veel vliegen. En dalen doen we heel veel. Net zoveel als stijgen. En als je stijgt, dan zweet je meer, waar ook weer vliegen op af komen. Cornwall mag blij zijn met twee mobiele vliegenvangers.

We hebben trouwens gisteren Land’s End bereikt. Maar dat terzijde…

Ja, terzijde! Land’s End blijkt een vreselijke tourist trap. “Ja, wat had je dan verwacht?”, hoor ik je vragen. Nou, heus wel een tourist trapje, maar dit vreselijke shopping and entertainment centre, op zo’n prachtige plek met schitterende uitzichten, was een enorme deceptie. We hadden expres de laatste dagen wat rustig aan gedaan om pas maandag aan te komen om zo de drukte te vermijden op zaterdag of zondag. De drukte viel nu inderdaad wel mee, maar nog steeds stond er een rij voor de bekende paal waar je voor £ 10,99 een foto kon laten maken. Dat hebben we niet gedaan.

De paal waar ik het over heb, markeert het beginpunt van een bekende lange afstandsroute, die vooral met de fiets wordt ondernomen: van Land's End naar John o’Groats in het noorden van Schotland. De afstand van deze tocht is ongeveer 874 miles (1400 km). Dat is vanuit het zuidwesten van Engeland naar het meest noordelijke punt in Schotland.

Land's End met het eerste en laatste huis, de eerste en laatst inn en twee fietsers die hun laatste toch maakten:

img 8134img 8138img 8139img 8142img 8157

Een klein stukje noordelijker ligt Cape Cornwall, waarvan men begin 19e eeuw aannam dat dat het meest westelijke punt van Cornwall was. Hier was het heerlijk rustig en hebben we, met een prachtig uitzicht op Land’s End in de verte, onze lunch gegeten.

Cape Cornwall:

img 8175img 8192img 8195img 8198img 8196

Zicht op Land's End vanaf Cape Cornwall. De foto valt tegen, in het echt was het veel duidelijker zichtbaar.

We zijn net twee dagen in Penzance geweest. Vanuit hier hebben we een rondje gemaakt naar Land’s End en Cape Cornwall. Het eindpunt van de route is bereikt. De laatste dagen waren zeer pittig, maar ook erg mooi. Daarnaast hebben we het enorm getroffen met het weer.

Onderweg kreeg ik een appje van de routemaker, Eric van der Horst. Of we even een stukje wilden checken waar men met de weg bezig is. Tuurlijk wilden we dat. Dus foto’s maken, coördinaten verzamelen en een verslagje naar Eric. Toch een beetje aan het werk! Maar hoe fijn is het als er iemand ter plekke even kan controleren als je zelf niet in de buurt bent, daar weet ik alles van!

Nu hebben we nog vijf dagen over. Én we hebben wat trein-stress.

We wilden eigenlijk ook nog een stuk terugfietsen langs de zuidkust, en hoewel we in één dag terug kunnen reizen met de trein, nemen we toch het zekere voor het onzekere. We hadden begrepen dat het tamelijk ingewikkeld zou worden om niet alleen tickets te kopen, maar ook het reizen zelf. Deel 1 is gelukt, de tickets hebben we. Eergisteren online besteld en gisteren opgehaald bij het station in Penzance (ze doen niet aan e-tickets). Het was niet zo ingewikkeld als verwacht. Deel 2 is inmiddels ook gelukt. We zitten nu, as we write, in de trein, waar ik deze nieuwsbrief schrijf. Onderweg naar Londen! Daar hebben we een AirBnB geboekt en zullen nog een paar dagen in Londen rondfietsen.
Vrijdag gaan we met de trein naar Harwich. Dat is een dag te vroeg, maar als we zaterdag zouden gaan, moeten we drie keer overstappen en vrijdag kunnen we rechtstreeks naar Manningtree, dicht bij Harwich. Het geeft in ieder geval rust. De treinen schijnen vrij onvoorspelbaar. Veel uitval, vertragingen en stakingen. Dus dan maar een dagje te vroeg en flaneren over de boulevard van Harwich.

Foto’s: Remy probeert eerst of het glad is. “Ik ga het proberen”, zegt hij. Hij neemt een aanloop en fietst door het water dat ongeveer 20 cm diep is. “Als je rechtdoor fietst en niet stuurt, dan kan het”. Ik vind het doodeng, maar neem een aanloop en doe het zelfde als Remy. Gelukt. Niet gevallen en droog gebleven. Aan de overkant zie ik een bruggetje. “Potverdorie, daar hadden we overheen gekund!”. Op de foto zie je Remy lachen. Hij had het bruggetje wel gezien…

img 7913img 7914img 7915

Heel bijzonder: we kwamen aan bij de noordkust, ten hoogte van Hayle waar het heel mistig bleek...

img 8026img 8028img 8032

... en nog geen uur later waren we Cornwall overgestoken en zaten we aan de zuidkust, bij Marazion. En hier scheen de zon weer.

img 8047img 8056img 8089img 8091

woc 37.1Passage uit: The Wheels of Chance: A Bicycling Idyll by H.C. Wells:

“A most charming day, sir,” he said, in a ringing tenor.
“Charming,” said Mr. Hoopdriver, over a portion of pie.
“You are, I perceive, cycling through this delightful country,” said the clergyman.
“Touring,” explained Mr. Hoopdriver. “I can imagine that, with a properly oiled machine, there can be no easier nor pleasanter way of seeing the country.”
“No,” said Mr. Hoopdriver; “it isn’t half a bad way of getting about.”
“For a young and newly married couple, a tandem bicycle must be, I should imagine, a delightful bond.”
“Quite so,” said Mr. Hoopdriver, reddening a little.
“Do you ride a tandem?”
“No—we’re separate,” said Mr. Hoopdriver.
[…]
“I myself am a cyclist,” said the clergyman, descending suddenly upon Mr. Hoopdriver.
“Indeed!” said Mr. Hoopdriver, attacking the moustache. “What machine, may I ask?”
“I have recently become possessed of a tricycle. A bicycle is, I regret to say, considered too—how shall I put it?—flippant by my parishioners. So I have a tricycle.

Overige foto's (klik of tap om te vergroten):

Tintagel, waar ik de vorige nieuwsbrief schreef. 's Avonds wilden we nog even bij King Arthur op bezoek, maar hij was er niet (meer):

img 5859img 5860


img 7831img 7838img 7847img 7848img 7855img 7862img 7865img 7895img 7896img 7897img 7904img 7906img 7919img 7968img 7969img 7972img 7987img 7989img 8004img 8008img 8017img 8199