img 7833“Wil je koffie? Hij is vers! Gisteren gezet…” Ik moest onwillekeurig glimlachen… Het was zondagochtend, iets na zessen en ik stak mijn hoofd buiten de deur van de blokhut op de camping. Rond vijven was ik wakker geworden van gebonk en geklop in de hut naast me. Slaperig keek ik naar de buurman. Onder begeleidende muziek (Schubert notabene!), stond hij de stofdoek uit te kloppen en me stralend aan te kijken. “Zo, mijn hutje is weer schoon!”
Om zes uur ‘s ochtends??
Ik zag de koffie-van-gisteren op de kookplaat op de veranda staan. Nou had ik toevallig wel erg veel zin in koffie en Schubert beviel me ook wel. “Nou vooruit”, zei ik, “Een klein kopje, want ik wil zo alles inpakken en op de fiets stappen”.

Een uur en twee grote koppen later - de koffie was eigenlijk heel lekker - kende ik zijn levensverhaal, was me verteld dat dit stuk van Zweden het meest stabiele klimaat heeft van heel Europa en dat iets verder oostwaarts het precieze middelpunt van Scandinavië ligt. En op die plek komt binnenkort een enorme ondergrondse stad. Want straks, als de Derde Wereldoorlog uitbreekt, vlucht iedereen naar Scandinavië. Althans, de paar honderd Europeanen die nog over zijn. En omdat de rest van Europa dan door de Amerikanen platgebombardeerd is met atoombommen, kan men uitwijken naar deze geheel zelfvoorzienende stad.
Ik besloot ik dat het tijd was om mijn spullen te pakken en op de fiets te stappen voordat er ook ufo’s gaan landen en de dinosauriërs weer terug komen…

Het is lök in Zweden! Zo kwam ik bij een café wat een kapsalon bleek te zijn. Dat was in een dorp met slechts vijf huizen. En blijkbaar waren alle koppen voorlopig weer even geknipt en gekapt en had de kapster tijd voor een klant die niet geknipt wilde worden, maar wel zin had in een kop koffie. Ik mocht zelfs buiten op het bankje mijn lunch opeten. Misschien op de terugweg ook maar mijn haar laten knippen…

En wat niet alleen leuk is, maar fantastisch: al het wild dat ik inmiddels al gezien heb: vier elanden (waaronder een moeder met jong), ongeveer zeven reeën, een vos, drie eekhoorns, twee muizen en vier dode slangen. Die laatsten lagen allemaal platgereden op de weg.

Nou zijn er ook beesten in Zweden waar ik niet zo blij van wordt: muggen en andere prikbeesten.
Het is dit jaar een goed muggenjaar. Voor de muggen dan. Door het natte voorjaar is het nu erger dan anders. Ik denk eigenlijk dat er nog een reden is: de toeristen zijn weer terug! Allemaal extra lekkere hapjes deze zomer. Wat hebben ze moeten afzien vorig jaar!

Het is trouwens een hele hete zomer in Zweden! Regelmatig komt het kwik boven de dertig graden. Ik fiets, zwem, fiets, zwem en fiets. En dat dagelijks. Van werken - buiten het fietsen om - komt weinig. Ik kampeer veel in het wild of op een camping waar geen of slechte wifi is. In plaats van ‘s avonds alle aantekeningen te verwerken, spreek ik alles in in de dictafoon.
Maar wat ik wel aan werk verricht, gebeurt met de nodige inspanning en liters zweet. Nooit gedacht dat ik zo ontzettend zou zweten in Zweden!

img 7610img 7633img 7674img 7693img 7726img 7730img 7771img 7795img 7855img 7908img 7939img 7945img 7963