‘Ben je nooit bang tijdens wildkamperen?’. Die vraag krijg ik vaak.
‘Nee’, is mijn antwoord. De kans dat je dan iets overkomt, is statistisch gezien verwaarloosbaar. Het is veel en veel riskanter om (als vrouw) in het donker door een willekeurige stad te lopen in Nederland.
En al die insecten, spinnen en muizen? Ach, misschien zie je ze eerder met wildkamperen, maar die zijn er ook op campings. En thuis…
Zodra ik in Kristiansand weer op de fiets zat na een paar dagen in de auto, was ik weer helemaal in mijn element. Dat was een groot voordeel van dagen in de auto: het deed mij enorm verlangen om weer te fietsen!
En wat had ik een mazzel met het weer afgelopen week! Het zou gaan regenen, maar op twee buitjes na op zondag en maandag, was het voor de rest prachtig weer met veel zon.
En nu ik dit schrijf, op zaterdagochtend, zit ik na twaalf nachten in een tent, nu in een ‘hytta’ op een camping, in afwachting van de ene bui die zo gaat vallen. Het zou gisteren en vannacht al regenen, maar dat is niet gebeurd.
Na de vorige nieuwsbrief kreeg ik een paar keer de vraag waarom ik sowieso niet sommige stukken met de auto kan doen. Het argument was: véél makkelijker en veel sneller.
Wel… ik ben er door de autorit èn door het fietsen van hetzelfde traject weer eens en temeer van overtuigd dat een route voor een beschrijving in een gids echt helemaal gefietst moet worden, mét bepakking. Pas dan kan je beoordelen hoe een route ’voelt’. Qua zwaarte, drukte, schoonheid… En hoewel de autorit goed was voor een globale indruk, vond ik niet altijd even makkelijk. Zo’n groot log ding zet je niet zomaar even ergens neer en het was absoluut niet ontspannend. En last but not least: ik zag pas wat ik allemaal gemist had toen ik eenmaal op de fiets zat en grotendeels dezelfde route fietste.
Hoe een route ‘voelt’ is natuurlijk subjectief en dat maakt het ook wel weer lastig. Wat de een mooi vindt, kan de ander na een paar kilometer al saai vinden. En wat de een zwaar vindt, doet de ander met het grootste gemak. En een weg kan bepaalde momenten van de dag of seizoen erg druk zijn, terwijl je op andere momenten tijden niemand tegenkomt.
Volgens mij ben ik een gemiddelde reisfietser en zullen de meeste fietsers de beschrijvingen herkennen. Dat is tenminste wat ik aan feedback terug krijg en dat is fijn. Soms moet ik lastige keuzes maken: het vlakke vrijliggende fietspad langs een autoweg of het mooie bospad langs de kust dat een paar steile stukken heeft. Ik kies dan toch voor het laatste en zal het fietspad als alternatief opnemen, of in ieder geval benoemen als optie. De volgorde van keuzes is: 1. veilig, 2. fietsbaar, 3. mooi, 4. rustig en 5. ’lekker’ doorfietsen. En als dat er allemaal niet is en er zijn geen andere opties, dan is het maar even nemen zoals het is. Vaak zijn dat relatief korte stukken. Deze criteria zijn bijna allemaal subjectief, maar iedereen tevreden stellen, zal me niet lukken. Ik doe in ieder geval mijn best… Nummer 2, fietsbaar, kan ook zijn dat je een enkele keer moet afstappen voor een steil stukje. Laten we dat maar ‘avontuurlijk’ noemen. En waarom ‘lekker’ doorfietsen op de laatste plaats staat? Omdat naar mijn mening de eerder genoemde criteria veel belangrijker zijn voor een fietsvakantie. Als je haast hebt, of je vindt dat je een bepaald aantal kilometers moet halen per dag, dan moet je óf niet in Noorwegen gaan fietsen, óf, zoals de wielrenners het hier doen, op de autowegen fietsen. Dan wordt zelfs Noorwegen saai…
Deze Kristiansroute is echt schitterend, dat zul je vast beamen bij het zien van de foto’s van deze en de vorige nieuwsbrieven. Maar wat het maken van deze route lastig maakt: ik vind de drukte moeilijk te beoordelen. Dit hele traject langs de kust (Sørlandet) heeft in toeristische publicaties als bijnamen: De Noorse Rivièra, Het glimlachende zuiden, Het zomerparadijs, De verborgen parel van Noorwegen… Oftewel, het is ontzettend toeristisch en dus heel druk. Niet voor niets, want het is ook werkelijk prachtig. De scherenkust, de schilderachtige witte vissersplaatsjes, de smalle weggetjes tussen de rotsen. En dan die prachtige uitzichten op de fjorden met de rode of gele huisjes aan de kust en de (zeil)bootjes die er aangemeerd liggen. Tijdens het hoogseizoen is het dus druk, maar nu in september is het juist ongelooflijk rustig en lijken de stadjes en dorpjes langs de kust bijna verlaten. Fijn om te fietsen, maar de meeste fietsers die straks deze route fietsen, doen dat juist in het hoogseizoen.
Afijn, het is wat het is.
Ik stap de fiets maar eens op. Het voordeel van kamperen is dat je hóórt dat het regent. Nu moet ik steeds naar buiten kijken. Ik zie overigens niets. Het is nog steeds droog en ik word ongeduldig. Dus hup, laptop dicht! Publiceren komt later wel. Nu lekker fietsen!