img 9753One cannot think well, love well, sleep well, if one has not dined well — Virginia Woolf

Naast mijn tent loopt een paadje en ik zie mensen met boodschappen in de hand via dat paadje de camping opkomen. Ah, handig, een tussendoorpaadje naar de supermarkt! Dat is fijn, dan hoef ik morgenochtend niet zo ver terug te fietsen als ik boodschappen ga doen. Ik heb net op de kaart gezien dat de volgende supermarkt pas over 55 kilometer is, dus ik moet wel boodschappen doen, want ik heb niet genoeg om de dag door te komen. Normaal zorg ik er altijd voor dat ik reserve-eten bij me heb voor minstens één dag, liever twee, want je weet maar nooit. Maar nu niet, want de hele route had genoeg supermarkten, had ik gezien, op dit stukje na. Ik was echter vergeten dat het de volgende dag zondag was. En op zondag zijn in Noorwegen de winkels dicht. Ook de supermarkten...

Ik ben nog maar tien dagen onderweg, maar ik heb al zoveel meegemaakt! Ik had zelfs geen tijd om een nieuwsbrief te schrijven. Ik logeer nu een paar dagen bij Wenche, de pelgrimscoördinator in Avaldsnes en haar man John. John vond gisteren dat ik niet alleen hoef te werken in Noorwegen (als ik niet onderweg ben, zit ik achter de computer), maar ook mag genieten van Noorwegen; en daarom togen wij aan het eind van de middag naar de hytte (Veel Noren hebben een hytte, een zomerhuisje) om daar te kajakken, te zwemmen en te eten. Oftewel, me helemaal te laven aan de Noorse geneugten van het outdoorleven en zeer prettig gezelschap.
Nou is het wel zo dat ik deze tien dagen volop van Noorwegen genoten heb, maar dit was genieten in overtreffende trap!

img 9933img 9935

Maar eerst even terug naar het begin. Zelfs de tweedaagse autorit naar Noorwegen is noemenswaardig, want ik had aangenaam gezelschap bij me, Aafje uit Utrecht. Zij moest toevallig rond 17 juni naar Kristiansand, want ze wilde vanaf daar naar Trondheim fietsen. We reden met onze fietsen op de auto naar Hirtshals in het noorden van Denemarken om daar de ferry naar Kristiansand te nemen. Het was erg gezellig en heel fijn dat we het autorijden konden afwisselen, waardoor de reis minder vermoeiend was.

img 9120

In Kristiansand scheidden onze wegen. Aafje stapte op de fiets en ik bleef daar nog een dag extra omdat ik er het een en ander (fietsend) wilde controleren. Daarna reed ik in twee dagen naar Avaldsnes, naar John en Wenche. Dit hele stuk hoefde niet meer gefietst te worden, want dat heb ik vorig jaar met Remy al gedaan. Wel waren er een paar plekjes te controleren, maar dat ik kon makkelijk doen door de auto daar te parkeren en een stuk te voet af te leggen.

img 9202img 9215img 9230img 9238img 9284

Onderweg heb ik Bøye en Vigdis bezocht in Flekkefjord. Vorig jaar mochten Remy en ik onze auto zes weken bij hen parkeren, maar dat was dit jaar niet nodig. Het was een bijzonder en heel hartelijk weerzien. Bijzonder, omdat Vigdis momenteel in een revalidatiecentrum vertoeft na een zware operatie. Samen met Bøye ben ik daar op bezoek geweest. Ik mocht logeren bij vrienden van hen, Jan Sverre en de van oorsprong Nederlandse Christine. Zij wonen op een prachtig gelegen boerderij en verhuren een paar prachtige vakantiehuisjes. Ik mocht in een oud 'schoolhuisje' slapen. Helaas ligt Hauglandgard te ver van de fietsroute (14 km, stijgend), anders had ik het graag in de nieuwe gids willen vermelden. Maar voor alle autorijdende lezers van deze nieuwsbrief wil ik Hauglandsgard van harte aanbevelen!

img 9295img 9310img 9322img 9324img 9337img 9341img 9346img 9351img 9360img 9361img 9363img 9375

Vanaf afgelopen zaterdag heb ik vanuit Avaldsnes vier dagen gefietst om een stuk van de Kustpelgrimsroute te checken. Dat is eigenlijk de modus operandi deze zomer: per fiets vanuit één plaats een stuk van de route checken om vervolgens met de auto weer een stuk verder te rijden. Niet alles hoeft gefietst te worden, omdat ik dat eerder heb gedaan.

En zo kwam ik dus zaterdagmiddag op een camping aan. Als ik fiets, heb ik geen besef van tijd, sowieso heb ik dat niet als ik de zomers in Noorwegen ben, en zodoende stond ik zondagochtend voor een dichte deur van de supermarkt, met in mijn tas vier plakjes brood, een pot pindakaas, een stuk gember en een bakje met ongeveer 200 gram bosvruchten. Daar moest ik van ontbijten, lunchen, avondeten en de volgende dag ontbijten. Ik voelde een lichte paniek. Als ik niet zou fietsen, zou het al te weinig zijn, maar ik zou veel klimmen die dag. En heb dan (veel) meer nodig.

img 9532Het is goed afgelopen. Uiteraard, want ik heb genoeg reserve. Er is zelfs nog pindakaas over (droog hoor, om zo te eten) en de gember bleef onaangeroerd. Zondag kwam ik na 55 kilometer in een dorp met drie supermarkten. Ze waren inderdaad dicht, maar er was ook een tankstation, waar ze weliswaar genoeg verkochten om me te vullen, maar amper iets om me te voeden. Tankstations hebben de onhebbelijke eigenschap om de mens van de verkeerde brandstof te voorzien, maar nood breekt wet.
Gelukkig vond ik tussen alle repen, koeken, chips, frisdrank, kant-en-klaar noedels en worst, ook nog een iets eetbaars: een pak haver-crackers, plakjes kaas en een klein yoghurtje. Dat was prima om tot maandagochtend vooruit te kunnen.

Maandag heb ik bij de eerste beste supermarkt genoeg brandstof gekocht voor twee dagen.


Foto's van de fietstocht met een regenbui bij de start.

img 9457img 9468img 9590img 9594img 9596img 9607img 9627img 9656img 9659img 9724img 9736img 9753 copyimg 9760img 9766img 9773img 9794img 9795img 9801img 9864img 9953